Staatkundige beschouwingen Suriname Fundament Rechtsstaat

Fundament rechtsstaat

Het staatsrecht vormt het fundament van een rechtsstaat. Het voert te ver om alle desbetreffende stukken op te nemen. Alleen de belangrijkste documenten krijgen hier een plaats:

- de Grondwet van 1992. De staatsgreep van 1980 ontmoette indertijd veel bijval vanuit de Surinaamse samenleving. Men was de afbraakpolitiek van de regering Arron beu en had grote behoefte aan een sterke man die orde op zaken zou stellen. Maar al spoedig ging het fout. Ook deze revolutie at haar eigen kinderen op. Om zich teweer te stellen tegen het toenemende maatschappelijke verzet tegen repressieve maatregelen stelde het militair gezag de Grondwet buiten werking. Het dieptepunt was de moord op vijftien Surinamers die zich - zo was de stelling van de militairen - bezig hielden met een contra coup. Na deze trieste gebeurtenis kwam het burgerlijk gezag weer langzaam in beeld. Dat leidde in 1987 tot een nieuwe Grondwet waarin het militaire gezag nog figureerde, en die als staatsrechtelijke basis uitging van een parlementaire democratie, in die zin dat naast een min of meer protocollaire President de regering werd geleid door een Minister-President die verantwoording schuldig was aan De Nationale Assemblée. In 1992 werd de Grondwet gewijzigd. Sinds die tijd is er geen juridische grondslag meer voor een militair gezag in het centrum van de staatsmacht. Met een door De Nationale Assemblée gekozen President heeft Suriname sindsdien een zogeheten semiparlementair én een semipresidentieel stelsel: de President beschikt over een 'half' democratisch mandaat en heeft daarmee uitgebreide executieve bevoegdheden, maar zal zich voor de uitoefening daarvan toch moeten verantwoorden ten overstaan van het parlement. Een Vicepresident leidt de Raad van Ministers, maar is zelf geen minister. Zijn bevoegdheden staan enerzijds in de Grondwet 1992, anderzijds in het daaruit afgeleide Reglement van Orde van de Raad van Ministers.

- de Staatscommissie Herziening Grondwet
Op 29 juni 2011 heeft President Bouterse een Staatscommissie ingesteld tot herziening van de Grondwet van 1987 die laatstelijk was gewijzigd in 1992. De Staatscommissie staat onder voorzitterschap van Samuel Polanen, een excellente Surinaamse staatsrechtgeleerde. De commissie heeft een vrij mandaat om de reeds jaren bestaande discussies over een aantal onduidelijkheden in de Grondwet op te lossen. Daarbij is vooral van belang dat de commissie waarschijnlijk zal adviseren om het semipresidentiële stelsel om te vormen in een volledig presidentieel stelsel. Vergelijkbaar met dat van de Verenigde Staten. Als dat het geval gaat zijn zal de President net als De Nationale Assemblée een eigen democratische mandaat krijgen. Nu wordt de President niet rechtstreeks door het volk gekozen, maar door het parlement.

Zie verder ook de Drie Opstellen die Leo Klinkers heeft geschreven.

- het Reglement van Orde van De Nationale Assemblée. Na de Grondwet is het Reglement van Orde van het parlement het tweede belangrijke staatsdocument. Doorgaans wordt het belang van een dergelijk Reglement onderschat. Maar wie de orde bewaakt, bewaakt alles. Zo'n Reglement bepaalt de rechtmatigheid van de besluitvorming van het hoogste politieke orgaan van de Staat.

- het Reglement van Orde van de Raad van Ministers. Voor dit Reglement geldt dat het de rechtmatigheid van de besluitvorming van de regering bepaalt. Maar met dit Reglement is iets merkwaardigs aan de hand. Het dateert  van 16 juni 2011. Wat is het geval? In de aanloop naar de Grondwet 1992 is ook een nieuw Reglement van Orde voor de Ministerraad ontworpen omdat het toen geldende Reglement van 1987 niet langer in overeenstemming was met de nieuwe Grondwet. De Ministerraad keurde in februari 1992 dat nieuwe Reglement goed, stuurde het naar de toenmalige President Venetiaan die het conform de geijkte procedures moest voorleggen aan de Staatsraad voor advies, maar dat werd niet gedaan. De President legde het ontwerp Reglement terzijde, gaf geen opdracht om een andere ontwerp te maken, aldus verscheen er geen Reglement van Orde in het Staatsblad toen op 8 april 1992 de nieuwe Grondwet in werking trad, waarmee een staatsrechtelijk vacuüm werd geschapen. Dit is pas in februari 2011 ontdekt. Strikt genomen zijn alle besluiten van alle Ministerraden vanaf 8 april 1992 tot 16 juni 2011 genomen zonder een rechtsstatelijke basis. Met de plaatsing van het nieuwe Reglement in Staatsblad 2011, nr. 76, is dit vacuüm hersteld.

- De structuur van de Staat moet fungeren als het fundament onder de democratie. Als die structuur zwakke plekken vertoont kan dat de democratie bedreigen. Iedereen kan daarover zijn eigen opvatting hebben. Want behalve de structuur in enge zin, gaat het natuurlijk ook in ruimere zin over de manier waarop mensen binnen die staatsstructuur functioneren. Er is dus meer dan alleen de vraag of de structuur op zichzelf voldoet aan basiskenmerken voor een reguliere democratische staat. Het gaat ook om de vraag of die structuur sterk genoeg is om degenererend gedrag te beletten of te minimaliseren.
In hoeverre dat voor de structuur van de Staat Suriname het geval is mag u zelf beoordelen