Vlaanderen
door Leo Klinkers
Het hebben van een eenmansbedrijf heeft grote voordelen. Geen moeilijkheden met personeel, altijd samenwerken met andere eenlingen die hun eigen broek ophouden (en dus ook voortdurend vernieuwen), en een grote flexibiliteit: je kunt gaan en staan waar je wilt. Toen ik medio jaren negentig de behoefte had dichterbij de Europese Commissie en de Belgische/Vlaamse politiek te zitten, was die beslissing snel uit te voeren.
Van oktober 1996 tot juli 2005 woonde ik in Meise, een dorpje op de rand van Brussel. De bedoeling was om er maar drie jaar te verblijven voor nadere bestudering van de staatkundige ontwikkelingen van Europa en Belgie. Het werden er dus negen. Dat tekent het boeiende van die periode. Van de Europese politiek heb ik geen hogere dunk gekregen. Dat werd veroorzaakt door mijn stijgende waardering voor de Belgische/Vlaamse politiek. Stap voor stap werd ik ingewijd in de complexiteit van dat politieke systeem. En met het toenemen van begrip en inzicht in de staatkundige moeilijkheden groeide gaandeweg het ontzag voor de vitaliteit van de Belgische pollitiek. In die periode schreef ik een keer in een artikel in De Standaard, dat als de Nederlandse regering naar Brusel zou verhuizen om Belgie te gaan besturen, die regering in een week zou vallen. Niet in staat om de uitzonderlijke spanningen van België aan te kunnen. Als daarentegen de Belgische regering naar Den Haag zou komen om Nederland te besturen zouden ze dat doen in een vierdaagse werkweek, elke dag niet langer dan tot 13.00 uur. Dus, zoals dat populair ook wel heet: met twee vingers in de neus.