Europa

Een federaal Europa

Juni 2007 was weer een gemiste kans voor Europa. De regeringsleiders herbevestigden in Brussel dat een federaal Europa geen toekomst heeft. Alleen de Belgische premier Guy Verhofstadt en diens minister van Buitenlandse Zaken Karel De Gucht bleven trouw aan hun visie op de best denkbare staatkundige constellatie van Europa en pleitten – opnieuw vergeefs – voor een federaal verband.

Tot aan het Verdrag van Maastricht van februari 1992 (de geboorteakte van de Europese Unie) was Nederland fervent voorstander van de federale staatsvorm. Maar door de ook toen al aanwezige tegenkrachten te miskennen en het eigen enthousiasme voor de federale formule te interpreteren als een Europese consensus1, ging het helemaal fout: de overgrote meerderheid van de lidstaten wees een federaal verband af. Sindsdien durft Nederland dat begrip niet meer op tafel te leggen. Sterker nog: langzaam ontstond een bijna anti-Europasfeer, zich manifesterend in kloeke en manhaftige verklaringen van ministers dat ‘Brussel’ geen grote broek moest aantrekken, dat we te veel aan ‘Brussel’ betaalden en dat dit geld dus terug moest komen.

In de loop van de jaren negentig en in de eerste jaren van deze eeuw ventileerden kabinet en Tweede Kamer een niet-aflatende stroom negatieve interpretaties over ‘Brussel’. Vlak voor het referendum over de Europese grondwet in de zomer van 2005 kwamen ze even een paar uur de straat op om in en rond het centrum van Den Haag een paar folders over de Europese gedachte uit te delen, om vervolgens met al dan niet gespeelde verbijstering vast te stellen dat ze oogstten wat ze hadden gezaaid: een anti-Europastemming. Overigens laten diverse analyses achteraf zien dat daaraan geen principiële afwijzing van de Europese gedachte ten grondslag lag, maar veeleer een combinatie van verschillende factoren, zoals het tanende vertrouwen van de samenleving in de overheid, het zich niet gerespecteerd en erkend weten door die overheid, de zorgen over de effecten van een aantal grootschalige stelselwijzigingen en – uiteraard – de door de politiek zelf gezaaide angst voor een te machtig ‘Brussel’.

Lees meer...