Bestuur en Beleid Nederland Bevolkingsdaling

Bevolkingsdaling

Introductie

Bevolkingsdaling is een betrekkelijk nieuw fenomeen in Nederland. Sterker, de wereldbevolking gaat op termijn (rond 2075) dalen. Het werelddeel Europa kent al een krimp van de bevolking sinds 2004. Voor Nederland voorspellen demografen dat de top van de omvang van de bevolking wordt bereikt rond het jaar 2035. Ons land telt dan zo'n 17 miljoen inwoners. Los van oorlogen of epidemieën hebben we alleen maar groei van de omvang van de bevolking gekend.

In Nederland zien we dat enkele regio's al enkele jaren in de daling zitten, waarbij Zuid-Limburg voorop loopt, zowel in de tijd gezien als qua snelheid waarin de terugloop zich manifesteert. Vele regio's zullen volgen, terwijl bijvoorbeeld de Noordvleugel van de Randstad nog decennia van groei voor zich ziet.

Daling van de bevolking is voor politici, bestuurders en beleidsmakers een moeilijk te hanteren onderwerp. Dat komt in de eerste plaats door de negatieve connotatie van het woord 'daling' of zo u wilt het woord 'krimp'. In de tweede plaats weet men niet hoe men naar deze ontwikkeling moet handelen, omdat men er geen ervaring mee heeft. Voorbeelden, zoals het leeglopen van Franse plattelandsgemeenten of de forse bevolkingskrimp in het voormalige Oost-Duitsland zijn niet te vergelijken met de situatie in Nederland. In de derde plaats heeft men geen idee van de oorzaken van bevolkingsdaling.

In februari 2006 hebben Wim Derks, Peter Hovens en Leo Klinkers een document opgesteld onder de titel 'Structurele bevolkingsdaling, Een urgente nieuwe invalshoek voor beleidsmakers'. Met deze studie heeft het driemanschap het thema 'bevolkingsdaling' op de politieke agenda gezet. Vervolgens hebben ze het 'Kenniscentrum voor Bevolkingsdaling en Beleid' in het leven geroepen.
Het Kenniscentrum houdt zich niet alleen bezig met onderzoek, maar schrijft ook publicaties, zoals 'De krimpende stad' en verzorgt met grote regelmaat presentaties over dit onderwerp.
Op deze website kunt u kennisnemen van een aantal artikelen, die verband houden met demografische ontwikkelingen: in relatie tot politiek-bestuurlijke vraagstukken.

Gezinsvorming en bevolkingsontwikkeling

door Peter Hovens (05-11-07)

Op 18 oktober 2007 nam prof. dr. C. de Hoog, hoogleraar Gezinssociologie aan de Universiteit van Wageningen afscheid met het uitspreken van de afscheidsrede Is het gezin op weg naar het einde? Hij beschrijft op heldere wijze de veranderingen die zich hebben voorgedaan met betrekking tot het gezin vanaf het begin van de vorige eeuw tot nu. De kiem van de belangrijkste veranderingen is volgens De Hoog eind jaren zestig gelegd. Het is vooral de rol van de vrouwen als moeder van het gezin die sterk verandert, mede onder invloed van de groeiende economie die leidt tot een grote vraag naar arbeidskrachten. Vrouwen treden - zij het voornamelijk in deeltijd - toe tot de arbeidsmarkt. De Hoog ziet een verder veranderende rol van vrouwen en moeders ook in de toekomst, waardoor de vraag bij hem opkomt in hoeverre het fenomeen ‘gezin’ zijn einde gaat beleven. Hij verwacht dat steeds meer vrouwen een hogere opleiding gaan volgen en een daarbij behorende carrière nastreven. Zij kiezen daardoor minder voor een gezinsleven met kinderen; in ieder geval stellen ze dat enige tijd uit. De Hoog ziet daarnaast nog een ander aspect, namelijk dat de toename van bewuste kinderloosheid ook wordt ingegeven door de keuze voor een ‘kennelijk begeerlijke levensstijl’.

Lees meer...

Demografie en de Westerse cultuur

door Peter Hovens

De meeste mensen die kennisnemen van het fenomeen ‘bevolkingsdaling’ maken zich zorgen over een achterblijvende economische groei of over een tekort aan handen aan het bed in een vergrijzende samenleving. In NRC Handelsblad van 28 juni 2007 voegen Ton Lutter en Wim de Kok1 daar nog een element aan toe, namelijk de teloorgang van de westerse cultuur2. Deze gedachtegang is echter op drijfzand gebouwd. Een dergelijke stelling is zelfs kwalijk te noemen.

Lees meer...

Europees arbeidsmigratiebeleid

door Leo Klinkers

Vanaf de jaren tachtig staat het beleid voor immigranten in het kader van asielbeleid. In dat soort beleid is de enige vraag die telt: is het een legale of een illegale immigrant? Wat voor soort kennis die persoon in huis heeft, legt geen gewicht in de schaal van de beoordeling of hij welkom is of niet. Dat gaat nu heel langzaam een heel klein beetje veranderen. Misschien.

Eerst een omschrijving. Een kennismigrant is een hoogopgeleid persoon uit een land buiten de Europese Unie (EU) die men graag binnen de Unie aan het werk zou willen zien. Het kennismigratiebeleid is dus het beleid dat beoogt om de toestroom van hoogopgeleiden van buiten de EU te verleiden naar ons toe te komen. Dat gaat niet van een leien dakje. Omdat immigratie – en dat geldt voor alle lidstaten van de EU – wordt beheerst door het denken in termen van asielbeleid, zijn alle procedures en soorten mensen die binnen die procedures werken, gericht op ‘niet welkom, tenzij’.

Lees meer...

De arbeidsmarkt in het licht van bevolkingsdaling

door Peter Hovens

Inleiding
Dit stuk wil de aandacht vestigen op bevolkingsdaling als een onderbelicht aspect van de (regionale) arbeidsmarkt.

Sinds het rapport Structurele bevolkingsdaling, Een urgente nieuwe invalshoek voor beleidsmakers, staat het verschijnsel van een krimpende bevolking stevig op de politieke agenda.1 Deze studie toont niet alleen aan dat het een onafwendbare ontwikkeling is, maar maakt tegelijkertijd duidelijk welke maatschappelijke gevolgen dat met zich mee kan brengen. De schrijvers - Derks, Klinkers en ondergetekende - laten met feiten en argumenten zien dat politieke gezagsdragers niet achterover kunnen leunen, maar actief aan de slag moeten met het formuleren van beleid in een krimpsituatie: we gaan van de politiek van de groei naar de politiek van de krimp.

De discussies die daarna zijn gevoerd, de studies, rapporten en commentaren, die achtereenvolgens zijn verschenen, gingen vooral over ruimtelijke aspecten, zoals woningbouw en infrastructuur. Vreemd genoeg is de aandacht voor de gevolgen voor de arbeidsmarkt wat achter gebleven. Dat is temeer vreemd, omdat de krimp van de potentiële beroepsbevolking (15-64 jaar) gemiddeld in heel Nederland vanaf 2011 gaat inzetten. Dat is dus al over drie jaar, terwijl de krimp van die categorie Nederlanders al in meer dan de helft van de regio’s in ons land aan de gang is. Onderstaande figuur laat de historische ontwikkeling van de omvang van de potentiële beroepsbevolking zien, alsmede de prognose. Een belangrijke verklaring voor de te verwachten daling van de leeftijdscategorie, die de arbeidskrachten levert, ligt in het gegeven dat de babyboomgeneratie wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd de arbeidsmarkt gaat verlaten.

Lees meer...

Meer artikelen...

Pagina 1 van 2

Start
Vorige
1